Ik krijg die vraag regelmatig aan tafel. Vaak met een ondertoon van: “Kunnen we dit dossier nu afvinken?”
Het eerlijke antwoord? Dat kan niet.Cybervolwassenheid is geen eindpunt, maar een ontwikkelproces.
Cybervolwassenheid gaat over regie
Cybervolwassenheid draait in de kern om grip. Grip op digitale risico’s, op kwetsbaarheden in systemen én op menselijk gedrag. Het betekent dat een organisatie niet alleen weet wáár de risico’s zitten, maar ook begrijpt wat de impact kan zijn op bedrijfsvoering, klanten en reputatie.
Dat vraagt meer dan technische maatregelen. Natuurlijk zijn firewalls, back-ups en multifactor-authenticatie essentieel. Maar laten we eerlijk zijn: technologie is vaak het makkelijke deel. Zonder duidelijke verantwoordelijkheden, betrokken leiderschap en bewust gedrag van medewerkers blijft de organisatie kwetsbaar. Ik zie nog te vaak dat cyber ‘van IT’ is totdat het misgaat.
Cybervolwassenheid ontstaat juist in het samenspel tussen techniek, processen en cultuur. En cultuur laat zich niet installeren met een software-update.
Van incident gedreven naar strategisch
In de praktijk zie ik dat veel organisaties pas in beweging komen na een incident. Door een cyberaanval in de branche, nieuwe eisen van een klant of strengere acceptatievoorwaarden van een verzekeraar. Dat is begrijpelijk, maar het blijft reactief.
Echte cybervolwassenheid begint wanneer cyberrisico’s structureel onderdeel worden van het bredere risicomanagement. Niet omdat de verzekeraar erom vraagt, maar omdat het bestuur zelf wil weten waar het staat. Wanneer de directie periodiek inzicht krijgt in de digitale kwetsbaarheden. Wanneer leveranciers en ketenpartners worden meegenomen in het beleid. En wanneer testen, evalueren en verbeteren vaste onderdelen zijn van de bedrijfsvoering , niet alleen iets voor auditmomenten.
Dan verschuift cyber van operationele zorg naar strategisch thema.
En dan verandert ook het gesprek van de directie.
Wanneer ben je ‘goed genoeg’?
‘Goed genoeg’ betekent niet dat er geen incidenten meer zullen plaatsvinden. Dat is een illusie, en wie dat belooft, verkoopt een sprookje.
Het betekent dat risico’s aantoonbaar beheersbaar zijn en dat de organisatie voorbereid is op het onverwachte. Dat je weet wat je kroonjuwelen zijn. Dat je weet wie er beslist als het spannend wordt. En dat je niet tijdens een crisis nog moet uitzoeken wie waarvoor verantwoordelijk is.
Een cybervolwassen organisatie:
- heeft basismaatregelen aantoonbaar op orde
- kent haar kritieke processen en afhankelijkheden
- oefent met scenario’s en incidentrespons
- rapporteert op directieniveau over cyberrisico’s
- stuurt actief op verbetering
De kern zit in veerkracht. Niet in perfectie.
Perfectie bestaat niet. Weerbaarheid wél.
Cybervolwassenheid en verzekerbaarheid
De relatie tussen cybervolwassenheid en verzekerbaarheid wordt steeds sterker. Verzekeraars stellen hogere eisen aan preventie, monitoring en governance. Een cyberverzekering is geen los product meer, maar onderdeel van een bredere risicostrategie.
Tegelijk zie ik in de markt ook een andere beweging: dekkingen worden ruimer, premies stabiliseren of dalen, en acceptatie is minder krampachtig dan een paar jaar geleden. Maar dat betekent niet dat inhoud minder belangrijk is geworden. Integendeel.
Organisaties die hun cybervolwassenheid aantoonbaar hebben ingericht, ervaren dat zij beter in aanmerking komen voor passende dekking en stabielere voorwaarden. Maar belangrijker: zij verkleinen daadwerkelijk de kans op grote schade. En dáár moet het om draaien; niet om de polis op zich.
Schouten Zekerheid begeleidt organisaties in dit traject vanuit een onafhankelijke rol. Niet alleen door te adviseren over een passende cyberverzekering, maar juist door samen het gesprek te voeren over risicobewustzijn, volwassenheidsniveau en groeistappen.
Waar sta je vandaag echt?
Wat vraagt de markt? En welke ontwikkeling past bij de ambitie en omvang van het bedrijf?
Dat zijn vaak interessantere vragen dan: “Wat kost de premie?”
Een continu proces
Cyberdreigingen veranderen continu. Wet- en regelgeving ontwikkelt zich. Klanten stellen nieuwe eisen. Wie vandaag ‘op orde’ is, kan morgen achterlopen.
Cybervolwassenheid vraagt daarom om blijvende aandacht. Niet vanuit angst - daar worden zelden goede beslissingen van genomen - maar vanuit regie en verantwoordelijkheid. Organisaties die cyber structureel verankeren in hun strategie, bouwen aan weerbaarheid.
En uiteindelijk is dat misschien wel de meest realistische definitie van ‘goed genoeg’. Niet dat je alles onder controle hebt. Maar dat je weet waar je kwetsbaar bent, en daar bewust op stuurt.